's Morgens staat er een dun laagje ijs op het water. Het was een koude nacht.

Gelukkig komt de zon weer snel op en kan eerst
de jas uit en later de trui.
De kamelen drinken voor het vertrek water uit de kuiltjes.
De wandeling begint vlak en is eerst saai.
We komen een kudde geiten tegen. De dochter van onze gids is de geitenhoedster.
Dan is er een prachtig uitzicht op een aantal rotspunten. De fotocamera maakt weer overuren...
We gaan linksaf. Omdat we met een paar op een ander pad (iets lager lopen, beginnen de kamelendrijvers te roepen en zwaaien dat we daar naar toe moeten lopen.

We lunchen en kamperen vandaag op dezelfde plaats. Het is een mooie plek, bij geelachtige rotsen.
Het weer is nu zoals bij de meeste dagen: Zonnig, fris in de schaduw en net niet te heet in de zon.
Met Michiel klauter ik een rots op, vlakbij de lunchplek. Het uitzicht over de omgeving is indrukwekkend.
Sala (de kok) maakt vandaag vers brood. Het stokbrood begint ondertussen de sterkte van beton te krijgen. Hij
maakt een vuurtje en beslag. Het beslag gaat in een kom, met een andere kom er bovenop. Met zilverpapier wordt
de spleet tussen beide kommen dicht gemaakt. Dit geheel komt tussen de houtskolen te liggen en wordt ermee
bedekt.

Vlak voor de zonsondergang lopen we een rots op.