Dag 13: Sossosvlei


Om 5:10 moeten we al opstaan (in het donker). We rijden even later naar de poort naar Sossusvlei, die dan nog gesloten is. We wilden graag vooraan in de rij staan om voor zonsopgang op dune 45 te kunnen staan.

Even voor 6:00 uur mogen we als eerste door de poort. De weg naar Dune 45 is wel verhard, maar zit vol gaten. Als eerste staan we onderaan bij de duin. Via de richel lopen we naar boven. Als je in de voetstappen van je voorganger gaat staan gaat het lopen het minst zwaar. Halverwege loop ik een stukje vooraan over 'maagdelijk' zand. Dit is erg zwaar en het hijgen begint al snel.

Ruim voor zonsopgang staan we als eerste boven op de duin. De hele Sawadee groep blijkt boven te zijn gekomen. Na zonsopgang worden er foto's gemaakt van het stuk duin waar nog niemand heeft gelopen. Een hele wachtrij staat klaar met de fotocamera.

Het licht is nu erg goed om foto's maken. Warren en Nanke maken met elke fotocamera een groepsfoto, boven op de duin.

Onder bij de duin heeft Stephny het ontbijt klaar staan. Het is een English Breakfast: Gebakken eieren met spek en tomaat. Het smaakt nu heerlijk!

We rijden verder naar Sossusvlei. Het laatste stukje kan niet met de truck. We moeten overstappen op een 4x4 pickup truck van Boesman, een lokale gids. Omdat het vrij druk is, duurt het even voordat we met Frans mee kunnen. Als haringen in een ton staan we achterop de pickup truck.

Na een stuk weg met vooral los zand komen we bij Sossusvlei. Frans geeft ons veel uitleg over het gebied en de bosjesmannen.

Sossusvlei is het laatste stuk waar het water uit de rivier kan komen, voordat een duin de weg verspert. Achter de duin ligt Deadvlei. Hier kon het water ooit nog komen, maar nadat de duinen links en rechts van de rivierbedding bij elkaar kwamen verdroogde alles en gingen de bomen en planten dood.

De klei in sossusvlei bevat eitjes van garnalen. Als na vele jaren er water komt, komen de eitjes uit. Voor het laatst is er in 1997 nog water geweest. Dat stond toen metershoog, iets dat nu niet meer voor te stellen is.

De kevers (tok tokkies) die hier rondlopen halen het vocht uit de dauw. Overdag kruipen ze in het zand. Frans graaft een paar keer en heeft dan een paar kevers te pakken. Het zand is nu al erg heet en dit is nog maar de morgen.

De ribbels in het zand staan altijd in dezelfde richting doordat de wind uit het oosten of westen komt (van de zee of van de bergen). De windrichting wisselt tussen de zomer en winter. Doordat de verdeling hier 50%-50% is, blijven de duinen altijd op dezelfde plek liggen. Alleen de bovenste richel verplaatst zich iets naar oost of west, afhankelijk van de tijd van het jaar. De richels in het zand dienen dus tevens als kompas.

Het rode zand komt mede door het vele ijzer(oxide) aan de rode kleur. Met een magneet zie je hoeveel ijzer er wel niet in het zand zit. De donkere strepen op het zand komen van het ijzer.

's Zomers wordt de luchttemperatuur 55 graden, maar door het ijzer in het zand wordt dit wel 80 graden!

Een spin wordt getoond die een holletje in het zand heeft gemaakt. Als er zandkorrels bewegen denkt de spin dat er een prooi langs komt en de poten komen uit het holletje.

We lopen een duin over en komen in Doodvlei uit. Al 1000 jaar is hier geen water gekomen, maar de dode bomen staan er nog. Het hout vergaat niet in deze droge hitte.

Het begint nu erg heet te worden en ik vind het niet erg dat we na de deadvlei teruglopen naar de pickup truck. Frans vertelt hier nog dat hij ziek zou worden als hij net als de toeristen steeds een beetje water drinkt. Een bushman kan 4 uur zonder water door de woestijn lopen en dan een liter achter elkaar drinken. De bushman/bosjesman naam komt van het feit dat de bosjesmannen vroeger vluchten voor de mensen die achter hun aanzaten. Met een bocht liepen ze dan terug en gingen achter een bosje met giftige pijlen in een hinderlaag liggen.

De San taal is erg apart. Ze spreken met 'kliks'. Zonder een klik achter een woord verstaan ze het niet.

De weg terug achterin de truck is weer net zo enerverend als de heenweg. Net na twaalf uur staan we weer bij de truck. Stephny heeft voor ons de dozen sap in de diepvries gelegd en verrast ons met ijskoud drinken. Heerlijk in deze hitte!

Om 13:15 zijn we terug in Sesriem. Na de lunch neem ik een duik in het verkoelende bad. Erg lang kun je niet in het koude water zitten. Ik ga op het camp mijn dagboek bijwerken. Uiteraard is er ook nog even tijd om een ijsje te gaan halen bij de winkel.

's Middags maak ik een rondvlucht in een Cessna. Een groepje is al voor ons geweest en is erg enthousiast. Via sessus canyon gaan we naar de rivierbedding, die we volgen (langs dune 45) naar deadvlei en sossusvlei. Vandaar vliegen we door naar de zee. Vooral het stuk langs de kust (op 2 meter hoogte) is erg mooi. Een eenzame zeehond ligt er op de kust.

Daarna begint het te donker worden voor foto's omdat de zon onder gaat. Het licht is erg zacht als we weer richting oosten vliegen. Het laatste stuk gaat over Elim dune. Hier zijn de cirkels goed te zien, waarbinnen geen enkele plant groeit. Niemand schijnt de oorzaak hiervan de te weten.

We blijven bij de luxe lodge waar we de vlucht geregeld hebben voor het avondeten. Er is een zeer goed buffet : Voorgerechten en veel soorten wild op de BBQ.

Ik proef een stuk Oryx (erg lekker, mals vlees), Hartenbeest (idem) en Eland (iets droger en taaier). Het roerbak eten smaakt ook overheerlijk. Er is ook krokodil. Zelf heb ik dit ooit gehad en het was geen succes. De meeste mensen uit de groep blijken het ook niet zo lekker te vinden. Het tapbier bij het eten smaakt ook erg goed.

In de verte is een verlichte drinkplaats voor wild te zien. Een enkele springbok is er te zien en even loopt er een jakhals.

Een grote schorpioen loopt over het terras en wordt gevangen in een wijnglas. Daarna wordt het dier de vrije natuur in gegooid.

Na een overvloedige maaltijd lopen we via de kortste weg (door de afscheiding) terug naar de tent. 's Nachts zijn de hyena's in de verte horen.



de volgende dag