Dag 19: Palmwag - Opuwo (Himba dorp)

We vertrekken om 8:10 en rijden verder door het landschap vol tafelbergen. Af en toe is er wild te zien : Springbokken, gemsbokken en zebra's.

Bij Sesfontein drinken we een kop koffie bij fort Sesfontein.

Achter de tuin zitten veel lovebirds (agapornis) in de bomen.

In de tuin zelf zijn de wevervogeltjes volop bezig met hun nest te bouwen. Het is goed te zien hoe een vogeltje het eerste sprietje gras aan een takje vast maakt.

We rijden weer verder richting noorden. Het landschap is nu erg droog, met vooral kale acacia bomen. Het steilste stuk van de weg mogen we omhoog lopen. Vroeger hadden de vrachtwagens hier veel problemen om de top te bereiken.

Als we de eerste baobab bomen zien, stoppen we voor de lunch . Het is hier erg heet en je wordt knettergek van de vele vliegen. Ze vliegen je soms zo in de oren.

Om 14:00 komen we aan in Opuwa . We stoppen bij een supermarkt. Hier wordt voor het Himba bezoek maismeel gekocht. Zelf koop een cola en koekjes voor als het avondeten tegen valt. We waren gewaarschuwd dat we vanavond een maispapje krijgen en dat dit niet (letterlijk) bij iedereen in de smaak valt. Omdat we langs het Himba dorp gaan kamperen is het niet de bedoeling om er uitgebreid eten te staan klaarmaken.

We wachten bij een lodge totdat de truck terug komt. Die is op zoek gegaan naar Elisabeth, de gids voor vanmiddag.

Samen met Elisabeth en 3 van haar kinderen rijden we naar een Himba dorp in de buurt. Het dorp ligt in een zanderig, stoffig gebied tussen de kale acacia's.

Bij het dorp wordt er eerst onderhandeld voordat we in het dorp in gaan. Het maismeel wordt geaccepteerd als geschenk en we kunnen het dorp in en mogen foto's maken. We zijn de eerst groep sinds een half jaar die dit dorp bezoekt.

Al te enthousiast zijn de vrouwen niet om op de foto te gaan (en dat is natuurlijk wel te begrijpen). De mannen zijn aan het werk, dus er zijn bijna alleen vrouwen en kinderen in het dorp. We geven iedereen een hand en begroeten ze in hun taal ('Morro', iets dat op hallo lijkt. Ik word nogal eens gecorrigeerd met mijn uitspraak.

Voor het bezoek hadden we te horen gekregen dat we niet tussen het (heilig) vuur en de hut van de chief mochten lopen. Er blijkt geen heilig vuur te zijn in de dorp. Wel ligt alles vol met geitenkeutels.

Er is een korte rondleiding door het dorp. De opslagplaats (vrij leeg) en de maisopslag wordt getoond. In het huisje van de chief krijgen we uitleg van de vrouw van zijn zoon. Zij laat ons de Himba parfum zien (keel, oksels en billen worden gerookt). De vrouwen smeren zich ik met een mengsel van vet en oker.

Dan begint de souvenir verkoop. Het is drukker geworden in het dorp. Vrouwen uit een naburig dorp zijn ook gekomen. Dit is het dorp waar de oudere broer van de chief de baas is. De beide dorpen horen min of meer bij elkaar. Ik koop een ketting die ik later weer af geef. Het hele bezoek verloopt vrij rustig, heel anders dan bij de stammen in Ethiopie bij een vorige reis.

Dan moet er beslist worden of we hier langs het dorp willen overnachten of terug gaan naar een camping (met water) in de buurt van Opuwa. De overgrote meerderheid stemt voor Opuwa.

Voordat we weggaan wordt er zang en dans voor ons opgevoerd. De flessen bier gaan bij de vrouwen van hand tot hand.

We vertrekken na de show naar een camping, vlakbij Opuwa. Het traditioneel Afrikaans eten (de maispap) valt best mee omdat er een pittig saus op gedaan wordt. Samen is het goed te eten.

Na een paar bekers cola-rum ga ik naar de tent.


de volgende dag