Om 8:00 gaan we met de bus naar een dorp. We rijden tussen de heuvels door, maar veel valt er van de heuvels niet te zien. De harmattan is bezig. Dat is een wind uit de Sahara met veel zand. Het uitzicht wordt er heiig door en erg ver kun je niet kijken. Normaal blijft de wind nog de komende maanden aanhouden.

We maken een wandeling door het dorp. Het erf van een huis is speciaal gemaakt
met potscherven. Ze staan rechtop en vormen zo een verharde stoep. Hierdoor heb je minder last van het regenseizoen.
Bij het dorp staan cashew bomen.
Vlakbij is een klein museum, waar we even in gaan kijken. Het hele museum heb ik al snel gezien.
Het kerkhof ligt vlakbij. De traditionele manier is om hier een 'put' in de grond te graven. Onder worden dan
zijtakken/galerijen gegraven, waar de mensen in begraven worden. De put wordt daarna afgedekt voor de volgende begrafenis.
De bovenkant van het graf is niet goed te herkennen, er ligt een cirkel van stenen.
Een erg boze man komt aanlopen. Wij moeten van hem vertrekken.
We rijden verder door de heuvels. Het valt op dat een stuk weg mooi 'beklinkerd' is. Er staat ook een monument vlakbij. De president komt uit de omgeving van Kara en dus gaat er veel geld naar deze omgeving.
We komen uit bij een asfaltweg, die we volgen naar een ander dorp. Hier is een smidse te zien. Het ijzer wordt
verhit op een houtskoolvuur. Er zit iemand langs het vuur om met een blaasbalg het vuur aan te wakkeren.
Als het ijzer heet is, slaat een jongen met een grote steen op het ijzer om het in de juiste vorm te smeden. Het is
zwaar werk en het slaan met de steen levert al snel een hernia op. Maar de mensen willen het op de traditionele manier
blijven doen.
Aan de overkant van de weg is een pottenbakkerij. De potten worden zonder draaischijf gemaakt. Door de rook van het
houtskoolvuur kleuren de potten (gedeeltelijk) zwart.
Voor de lunch zijn we terug in het hotel. Ik eet met Jan in het restaurant (spaghetti).
De middag wordt een luie middag, buiten zitten en een boek lezen.

Aan het einde van de middag gaan we met de bus naar een dans kijken. Het dorp is uitgelopen.
De adulenten van het dorp dansen voor ons onder de drumslagen. Aan hun enkels wordt iets vastgemaakt om mee
muziek te maken. Het ziet er allemaal erg grappig uit.
Terug bij het hotel gaan we met een aantal aan de overkant van de straat een biertje drinken. Meestal zijn de bierflessen hier 0.5 - 0.7 liter (en dat voor 0.75 - 1.5 euro). Met het warme weer (ca. 35 graden en zonnig, iedere dag) gaat dit er wel in.
Voor het eten lopen we met een stel de stad in. We gaan naar een van de weinige andere restaurants, de rizzeria.
Het is even zoeken in de donkere stad, maar het wordt toch gevonden. Het is op de leden van onze groep na leeg.
Niet alle gerechten zijn voldoende op voorraad. Ik kies voor een hamburger met friet. Dit blijkt een broodje
met gehakt te zijn en het smaakt erg lekker.