Vandaag slaap ik uit (tot 7:30). Het is donker in de kamer zodat de zon mij niet wakker maakt.
Het ontbijt is buiten in de tuin, onder de boom.
Ik loop het stadje in. Voor de zekerheid wissel ik nog wat Euro's, de CFA's krimpen hard. Later zal blijken dat het helemaal niet nodig is geweest.
Met Marjo loop ik naar het Bellevue hotel, een flink stuk van de hoofdstraat verwijderd. Hier kan ik mijn hotmail wel openen. Het is niet de bedoeling dat het internet gebruikt wordt door niet gasten, maar we mogen toch even de mail proberen te lezen. Omdat het niet allemaal lukt zijn we snel klaar. We hoeven er zelfs niets voor te betalen.
Ik loop nog via de bank naar de supermarkt. Daar is weinig te koop, maar een koel vruchtensap is nu wel lekker. Met
een briefje van 5000 CFA (7.5 Euro) mag ik niet betalen. Er is niet genoeg wisselgeld aanwezig in de houten lade.

De markt is vlakbij. Er zijn slechts weinig stalletjes te zien.
Om de tijd nog wat te doden lees ik het nieuws op internet. In Nederland is het nog steeds koud en er ligt veel sneeuw.
Links kaas (rood gekleurd) en rechts een 'tankstation'.
Terug in het hotel bestel ik een lunch. Een sandwich bestellen kan niet omdat er geen brood is. Dan maar een omelet. De omelet komt met een bord vol brood...
's Middags gaan we met de bus een stuk naar het zouden. We bezoeken de Peul stam. De Peul zijn de veehouders van West Afrika. De stam die we bezoeken heeft een permanent dorp, ca. 70 km ten zuiden van Naititingou.

We bezoeken de mensen. Ook mogen we een hutje binnen. Veel plaats is er niet. Bij een hut ligt een doodziek kind. Ze
hebben van het ziekenhuis pillen gekregen, maar waarschijnlijk gaat het kind het niet overleven.




We gaan een flink eind terug naar het noorden. Bij Perma verlaten we de 'snelweg' en rijden naar het westen.

Bij een dorp (Moupemou) stoppen we bij het schoolgebouw. Op het voetbalveld zetten we onze tenten op.
Langs deze plek staat ook de dorpspomp. Hier komen de meisjes water halen. Zoals meestal zitten er een aantal mensen
van een afstandje naar ons te kijken. Er is nog tijd om een biertje te drinken.

Vlak voor zonsondergang vertrekken we en rijden nog een stukje naar het westen. Hier wandelen we naar de Peul.
Deze mensen zijn nomaden en trekken met hun kuddes mee. De landbouwers in deze streek hebben soms ook koeien, die ze
aan de Peul meegeven.

De vrouwen zijn mooi gekleed en hebben veel sieraden.


De kudde staat een klein stukje verder. De kalfjes zijn achtergebleven, zij zouden de koeien weer terug lokken.
Het is al vrij donker als we de koeien zien. We mogen niet al te dichtbij komen vanwege de grote horens.
Het is donker als we terug lopen naar de bus.
Op de campsite wordt een biertje gedronken. Later blijkt het bier deze avond op gegaan te zijn. Als avondeten is er salade, couscous met draadjesvlees en pannenkoekjes.
Als ik naar de tent ga begint de muziek van een disco die vlakbij ligt. De muziek dreunt door de oordopjes heen.