We brengen een kort bezoek aan een Toeareg familie die nog in dit gebied woont. De vrouwen mogen naar binnen. De mannen moeten buiten blijven. Toeareg mannen willen niet dat andere mannen bij hun vrouwen komen. Dat zij zelf in contact komen met de vrouwen van toeristen vinden ze wel normaal.
De Wadi die we inrijden is erg mooi. Er ligt overal zand. De rotsen zijn imposanter dan
tot nu toe.
We maken een langere stop bij een imposante natuurlijke boog (150 meter volgens
de lonely planet). Er is voldoende tijd om de boog van alle kanten te bekijken.
Een stuk verder is een wadi met verschillende rotstekeningen. Bij een van de tekeningen kruip ik door een doorgang in de rots om een stuk verder aan de voorkant van de wand uit te komen. Mustafa kruipt voor mij op om de weg te wijzen.
We lunchen om 13:00. Omdat het erg warm is, wordt het een lange lunch (tot 15:10).
We gaan nu de Acacus langzamerhand verlaten. Op de doortocht stoppen we nog een keer
bij de put voor een verfrissing. Als ik mijn T-shirt doornat maakt voelt het zelfs even
koud aan. Lang duurt het niet en dan is alles weer droog. Het is vandaag 37 graden Celsius
in de schaduw, met een hete wind.
We rijden om 16:10 weg en stoppen al vrij snel bij een steile heuvel. De auto's rijden hier stijl omlaag, wat leuke foto's oplevert voor de mensen in de eerste 2 auto's. We blijven hier een tijdje bij de rotsen zitten. Het zand is nog te heet en daarom is het te lastig rijden nu. We houden een korte pauze (met 'limonade'). Mustafa stapelt een aantal stenen en er is een spelletje wie ze kan omgooien. Achnaan probeert het als laatste en gaat dan steeds dichterbij staan totdat het hem lukt.
Om 17:10 rijden we verder. 40 Minuten later komen we bij de eerste zandduinen.
De keukenwagen heeft veel moeite om door het zand te rijden. Al een paar keer is hij
stil gevallen. Sa'ied stopt een keer en rijdt dan een eind terug omdat de keukenwagen maar'
niet komt opdagen. Die blijkt motorpech te hebben, die gelukkig snel opgelost wordt.
We rijden niet zo ver vandaag door de strubbelingen en kamperen aan het begin van de hogere zandduinen. Het kamp wordt opgezet langs een grote duin in een kom.
Ik loop naar de top van de duin. Die blijkt iets verder weg en hoger dan het eerst leek.
De top ligt 100 meter hoger (op 845 m) dan het kamp. Hier blijf ik zitten wachten op
de zonsondergang. Vanaf de top is zicht bovenop veel andere duinen. Het lijkt zo echt
een zee van zand. Door de schaduwvorming lijken er golven te zijn. Je kunt erg ver kijken
vanaf hier. Aan het westen zijn de Acacus bergen nog te zien.
De zon gaat onder achter de Acacus bergen. Ik daal weer af naar het kamp. Doordat er nu
geen schaduw is, is het moeilijk te zien of er hoogteverschillen zijn.