Na een uurtje stoppen we voor een bezoek aan een peper en cacao plantage van een Chinese boer. De cacau bonen blijken wit te zijn. Het vruchtvlees smaak prima, maar de bonen zijn zo niet lekker. Zowel witte als zwarte peper wordt ons hier getoond.
Na weer een uur gereden te hebben, stoppen we bij de markt in Serian.
Hier wordt vooral vis, groente en fruit verkocht. Het is een vrij kleine markt
en andere touristen zijn er (bijna) niet aanwezig.
Vooral de groente en fruit stalletjes zien er erg kleurrijk uit.
De laatste stop is in Lachau voor de lunch (nu begint de witte rijst periode). Hier kopen we tevens de cadeau's voor de mensen in het longhouse waar we de komende nachten zijn.
Tegen 15:00 uur komen we in een klein dorp langs de Lemanak rivier aan. Hier
stappen we in kano's met buitenboord moter.
Na een half uren varen komen we
aan bij het longhouse (Senebah Rumak Parjan Buchit). In dit lange gebouw leven
een aantal families. De kamers zijn voor elke familie apart, maar er is een
grote gemeenschappelijke veranda. De houten vloer kraakt zo dat je erg goed
hoort als ergens iemand loopt. Het oudste stuk is te onbetrouwbaar om dikke
Europeanen over te laten lopen.
We blijven 2 nachten in het guesthouse
naast het longhouse slapen. Niemand gaat in het longhouse zelf slapen (voor
zover je vlak langs de vele blaffende honden en kraaiende hanen kunt slapen).
Alle gebouwen staan op palen zodat het water niet de huizen binnenstroomt als
het erg veel regent.
We krijgen een rondleiding door
het longhouse. Aan het plafond van de veranda hangen nog schedels van mensen
die deze families vroeger het hoofd afgehakt hebben. In een vertrek van een
familie die we bezoeken staat erg weinig, maar wel 2 televisies (zonder zenders).
Deze televisies zijn door de zonen van het gezin meegebracht als geschenk van hun verre reis die ze gemaakt hebben.
Het avondeten dat voor ons gekookt is, is erg lekker. Hierna voeren 4 mannen
en 4 vrouwen voor ons een welkomsdans op. Een groep Duitsers logeert nog in
een ander guesthouse, zij zullen morgen echter weer terugvaren.
De dans is erg mooi. Als welkom krijgen we een glaasje rijsten wijn, wat
hier zelf gemaakt wordt. Deze drank (tuak genoemd) smaakt prima.
Wij moeten even later ook meedoen (gelukkig doet mijn fototoestel het even niet).
Na de dans is er nog een soort
spel met 2 bamboestokken. De stokken worden op het ritme van een trom tegen
en uit elkaar gehouden. Met een soort hink-stap sprongen moet je voorkomen dat
je enkels geplet worden. De rest lukt dit vrij aardig. Mijzelf lukt het helemaal
niet.
Onze cadeau's worden afgegeven. De vrouwen uit het longhouse verdelen de cadeua's
(vooral veel zakken chips van de Duitsers) onder de kinderen. Deze kinderen
krijgen ze echter pas als ze ook een dansje voor ons gedaan hebben.
Nu kunnen er souvenirs gekocht worden. Het is voornamelijk houtsnijwerk en rieten dingen. Ik koop hier een houten beeldje van een koppensneller. Degene die dit gemaakt heeft stelt zich voor en onderhandelt over de prijs.
Tenslotten lopen we terug naar het guesthouse om wat na te praten. We nemen nog twee flessen mee om te proeven. Een met rijstewijn (deze vind ik prima smaken) en een met de sterkere rijstebrandewijn (deze vind ik niet lekker).
We slapen op een matrasje onder een muskietennet in het guesthouse.